Zeil universiteit

leren, fun & actie!

De lessen

De zeiluniversiteit heeft lessen voor beginnende zeilers en gevorderde zeilers. Bekijk hier onze lessen en word vandaag nog een zeiler met skills! 

Lesaanbod

Wil je meer weten of al met een sneltreinvaart beginnen aan de gevorderen lessen? Klik hier

Nachtklaar maken

Bekijk hier de video over nachtklaar maken van een zeilboot! Wat komt er allemaal bij kijken om dit goed te doen? 

Strijken en fok

Strijken en fok: Wat is wat en waar dient het voor? Bekijk de video! 

Fok opdoeken

Na strijken komt opdoeken? Hoe? Je komt het te weten als je naar de video kijkt! 

Fokkeschoot

Rare term, fokkeschoot? Leer wat het betekend en zo raar is het niet! De video zal je meer vertellen! 

Fok opbergen

We ruimen altijd alles netjes op. Dus ook de fok. In de video zie je hoe Francoise dit doet! 

kikker beleggen

Kikker beleggen heeft niks te maken met een kikker op je brood! Wat dan wel? bekijk de video en je weet het! 

Aanmeren kikker

Kom ook te weten wat en hoe aanmeren werkt! Je raadt het al: er is een video van! 

Zeilkoersen

Zeilen is mogelijk door gebruik te maken van de wind.
De richting van de boot tov de windrichting bepaalt de zeilkoers. (Een zeilkoers is geen kompaskoers!)
Vervolgens bepaalt de zeilkoers de stand van de zeilen.

Grofweg bestaan de volgende zeilkoersen:
– “voor de wind”: de wind komt recht van achteren. Denk aan het gezegde: “Het gaat met hem voor de wind”.
– “in de wind”: helaas kunnen we niet tegen de wind in zeilen. Dit is de enige koers die we niet kunnen bezeilen.
– “aan de wind”: we kunnen wel ‘schuin’ tegen de wind in zeilen; de wind komt schuin van voren de boot in.
– “halve wind”: de wind staat haaks op de boot
– “ruime wind”: de wind komt schuin van achteren.

Sturen met de zeilen – oploeven en afvallen

De zeilen zorgen niet alleen voor voortstuwing, maar je kan ook sturen met de zeilen. Het grootzeil heeft een oploevende werking, de fok een af vallende. Oploeven: door het grootzeil aan te trekken (en de fok te vieren) loeft de boot vanzelf op.
Afvallen: door het grootzeil te vieren en de fok aan te trekken, valt de boot af. Daardoor hoef je het roer minder te gebruiken wat weer vaart scheelt. Onderstaand filmpje laat zien hoe dat precies werkt, en hoe je het kan toepassen.

Overstag gaan

De zeilen zorgen niet alleen voor voortstuwing, maar je kan ook sturen met de zeilen. Het grootzeil heeft een oploevende werking, de fok een af vallende. Oploeven: door het grootzeil aan te trekken (en de fok te vieren) loeft de boot vanzelf op.
Afvallen: door het grootzeil te vieren en de fok aan te trekken, valt de boot af. Daardoor hoef je het roer minder te gebruiken wat weer vaart scheelt. Onderstaand filmpje laat zien hoe dat precies werkt, en hoe je het kan toepassen.

Manouvres op een rij:

1. (stuurman) aan de wind varen
2. (stuurman) roept: “klaar om te wenden?”
3. (fokkenist) maakt de lijschoot los, maar houdt ‘m op spanning; haalt de de loefschoot alvast vast
4. (stuurman) roept “ree” bij geen bezwaren van de bemanning
5. (fokkenist) viert de fok (“killend bij”)
6. (stuurman) duwt roer (een klein beetje) van zich af en trekt de grootschoot aan.
7. De boot loeft op en draait in de wind
8. De stuurman gaat aan de nieuwe hoge kant zitten
8. Optioneel: (stuurman) roept “Fok bak” en fokkenist trekt de lijschoot nogmaals aan.
9. De boot draait door de wind, en valt af
10. (stuurman) roept: “fok door” of “fok over” en fokkenist trekt de nieuwe lijschoot voorzichtig aan
11. stuurman pakt zijn helmstok weer vast en houdt aan-de-wind aan als koers
12. Nadat de boot weer vaart heeft, trekt de fokkenist de fok definitief aan.

Niet bij iedere boot is het nodig om fok bak te trekken, om de neus van de boot door de wind te trekken.

Belangrijke voorwaarde bij overstag gaan is dat je start met een aan de windse koers. Dat wordt nog wel eens ‘vergeten’. Ook de term gijpen wordt er ten onrechte ermee in verband gebracht. Kijk ook eens bij de verschillen tussen gijpen en overstag.

Opkruisen in breed water

Bekijk de video! 

Gijpen binnen de wind

Als je voor de wind zeilt heb je de wind in de rug. Afvallen kan dan niet meer; je kan immers niet meer afvallen dan voor de wind. [warning!]Door toch meer door te draaien (door nog meer af te vallen), komt de wind uit de richting waar ook grootzeil staat![/warning!] Dat kan zeker bij veel wind gevaarlijk zijn, met name als je er niet op bedacht bent. Dan krijg je een klapgijp. Niet echt een koers maar wordt vaak in verband gebracht met gijpen. De gijp ‘lukt’ namelijk altijd als je ietsje binnen de wind vaart. Het grootzeil komt dan ‘mooi over’. Als je erop bedacht bent tenminste en een gijp aan het voorbereiden bent..

kijk eens op: http://nl.wikipedia.org/wiki/Binnen_de_wind

Klapgijp

Let op als je voor de wind vaart. Je loopt dan het risico als dat het grootzeil spontaan overkomt! De giek kan een enorme snelheid ontwikkelen, waardoor ongelukken kunnen gebeuren. Voorkom dan ook een klapgijp door deze te voorzien als je voor-de-wind vaart. Het risico is het grootst als je binnen-de-wind vaart. In die zin is voor-de-wind varen een gevaarlijke koers.

Dan kan er dus dit gebeuren:

Verschil overstag & gijpen

De begrippen overstag en gijpen worden nog wel eens door elkaar gehaald.

Verschil overstag en gijpen:

– bij overstag verander je koers de koers van aan-de-wind van de ene boeg naar aan-de-wind van de andere boeg; van ADW, door de wind naar ADW over de andere boeg (totaal ongeveer 90 graden)
– bij gijpen wordt de koers voor-de-wind aangehouden.

Overeenkomsten tussen overstag en gijpen zijn er ook:

– de zeilen gaan van de ene boeg naar de andere.

Afvaren van hogerwal

Hoe pakken we afvaren van hogerwal aan? Bekijk de video en je wordt een master in afvaren! 

Enkele begrippen

– aankomen (niet qua gewicht..) aan wal = de wal naderen en daarop aanleggen
– afmeren = de boot ‘parkeren’.

Je komt eerst aan (op hoger of lagerwal bijvoorbeeld) waarna je op een zeilboot de zeilen strijkt, de boot eventueel nachtklaar maakt en daarna de boot afmeert. Onderstaand een video die meer bedoeld is voor motorboten, maar die qua afmeren eigenlijk geldt voor elke boot. Het gaat over het langszij afmeren van de boot, parallel aan de wal. Afmeren/verhalen in een ‘box’ of via ankeren wordt hier niet behandeld. Door over later meer. Knopen en steken die vaak gebruikt worden hierbij zijn de mastworp en de het beleggen van een kikker.

Regelementen

Wie heeft er voorrang op het water? 
Het vijfde onderdeel in de serie ‘Zeiltheorie voor beginnende zeilers’.
Wie heeft er voorrang op het water en wanneer? 
En waarom? Wat zijn de regels en hoe kun je ze eenvoudig toepassen? Je ziet het in deze video.

Man overboord

Man over boord ! Er valt iemand in het water tijdens het zeilen. Geen paniek, daar is een oplossing voor: gewoon de Man Over Boord manouvre uitvoeren.

Hoe die gaat zie je in het volgende filmpje:

Word lid van een zeilvereniging in jouw buurt

Schiemannen - knopen

Achtknoop

De achtknoop wordt gebruikt om een tijdelijke verdikking aan te brengen in een lijn.
Bijvoorbeeld als uiteinde van de schoten, zodat de schoten (zoals bijvoorbeeld grootschoot en fokkeschoot) en niet per ongeluk door het blok schieten

Platte knoop

Iedereen kent de platte knoop en wordt veel gebruikt om twee einden van gelijke dikte aan elkaar te knopen. Je maakt hem zo: 

Paalsteek

De paalsteek! Een knoop die een tijdelijke lus in een lijn ligt. 

Mastworp

De mastworp is er voor om een lijn vast te leggen om een rondhout (steigerpaal, dukdalf, etc). Wordt vaak gebruikt om een boot mee af te meren op een paal.

Schootsteek

De schootsteek wordt gebruikt om twee lijnen van ongelijke lengte aan elkaar te verbinden.

Dubbele schootsteek

De dubbele schootsteek lijkt erg op de enkele schootsteek. Je gebruikt hem ook weer om twee lijnen van ongelijke dikte aan elkaar te verbinden; met name voor grote krachten. Denk bjvoorbeeld aan sleeplijnen waar veel kracht op komt te staan. Ondanks dat deze steek nat wordt en veel kracht te verduren krijgt kun je hem ook weer éénvoudig loskrijgen. Daar is hij voor bedoeld

Dubbele schootsteek

De dubbele schootsteek lijkt erg op de enkele schootsteek. Je gebruikt hem ook weer om twee lijnen van ongelijke dikte aan elkaar te verbinden; met name voor grote krachten. Denk bjvoorbeeld aan sleeplijnen waar veel kracht op komt te staan. Ondanks dat deze steek nat wordt en veel kracht te verduren krijgt kun je hem ook weer éénvoudig loskrijgen. Daar is hij voor bedoeld

Wat beteken alle termen?

Wat praten ze toch gek op het water! Wat beteken termen als: Stuurboord, bakboord, hoge kant, lage kant, loef, lij, loefzijde, lijzijde, oploeven, afvallen, onder, boven, onderlangs, bovenlangs, hogerwal, lagerwal? In deze video wordt het je uitgelegd! 

En wat beteken termen als optuigen, aftuigen, zeilklaar, nachtklaar, aanslaan, opdoeken, hijsen, strijken, reven? Bekijk de volgende video! 

Studenten over

De Zeiluniversiteit

Via de zeiluniversiteit ben ik sneller van beginnend zeiler doorgestroomd naar meer gevorderde zeiler, omdat de lesstof via video erg verduidelijkt werd
Ewoud
Zelf ben ik al een ervaren zeiler, maar om af en toe de blog te lezen van Francois is erg leuk. Zo een bevlogen man die echt iets voor zeilers wil betekenen!
Paul

Contact

U kunt contact met ons opnemen via onze contact pagina of direct via de onderstaande gegevens

Email:info@zeiluniversiteit.nl